Jonge theaterbezoekers en theatermakers schrijven hier over hun culturele ervaringen in de breedste zin van het woord.
Powered by Rozentheater.
Loading Tweet...

door: Malou
“Wij zijn bang te geloven, omdat wij bang zijn bedrogen te worden.”- Tatjana Tolstaja.
Het is kwart voor vijf, een zonnige januarimiddag, de laatste strepen licht trekken langs de huizen aan de overkant en straks is het donker. Ik heb niet geslapen vannacht en staar naar mijn scherm, vraag me af of ik niet beter kan gaan slapen. Maar als ik ga slapen is de dag echt weg. En je weet nooit wat morgen betekent. Dus ik blijf zitten, probeer mezelf overeind te trekken en staar naar mijn beeldscherm.
Ik ga troostprojecten opzetten. Waarom ik dat ga doen kan ik niet helemaal verklaren en ik denk dat dat ook maar beter is want als ik dat deed zou de reden waarom ik het ga doen belangrijker worden dan de projecten zelf. Ik ga troostprojecten opzetten dus. Op zoek naar waar troost nodig is, wat troost allemaal kan betekenen en hoe je het kan brengen- want troost is iets dat je brengt denk ik- en aan de hand van de plek en de omstandigheden daar een project ontwikkelen dat recht doet aan wat er nodig is.
De algehele staat van ons land en de mensen die er in wonen: verwarring, angst. Niet weten hoe we verder moeten. -Hebben we dat ooit wel geweten?- Rouw, omdat ons met de financiële crisis pijnlijk duidelijk werd dat we geen ordelijke machine zijn die ongestoord verder tuft. Een samenleving is geen machine of economie, het is wat het letterlijk is: een samen leving. Van mensen. Met wensen, hopen, dromen, verlangens en gemis, mensen die, op een geschiedenislijn van de aarde bekeken, niet eens een stipje zijn. Misschien dat we er daarom zo naar verlangen iets te maken van dit leven en dat we daarom bang zijn om daar in te falen. Ik spreek in we omdat ik generaliseer en ik generaliseer omdat ik probeer ‘de mens’ als fenomeen te portretteren. Ik ben een mens, u ook, wij zijn mensen en ik spreek in we. Rouw, omdat de idee leeft dat ons dingen zijn afgenomen waar we recht op hebben- of waar we het recht toe verworven hebben. Rouw, omdat er op televisie en in de kranten dagelijks geschreeuwd wordt- over wat dan ook- en we daar zelf aan meedoen terwijl we heimelijk verlangen naar een plek om thuis te komen. Hegel noemde dat Heimkehr: het verlangen om terug te keren naar een plek waar je eindelijk thuis bent, in harmonie met jezelf en met wat je omringt. Misschien daarom wel troostprojecten. Wil ik een plek maken om thuis te komen voor anderen. En ook een beetje voor mezelf.
Misschien is er niets dat ons kan troost kan brengen voor dat ons leven eindig is, misschien is juist dát een troostende gedachte. Al kan je troost niet continue ervaren; het is een optelsom van onze dagelijkse inspanningen. Maar daardoor kan je het wel steeds opnieuw ervaren. Net als poëzie, muziek, kunst en liefkozingen. Is dat niet waanzinnig mooi? De geschiedenis, misschien ook wel een vorm van troost; wij eren immers wat voor ons gebeurde. Hopelijk zullen degenen die na ons komen hetzelfde doen. Zo maken wij het leven van degenen die ons voorgingen de moeite waard en degenen die na ons komen dat van ons. We zijn niet de enigen die elke dag ouder worden, of de enigen met verlangens die wel of niet uitkomen, of de enigen die ronddolen op deze prachtige aardkloot waarvan we nog steeds niet weten of die voor ons is gemaakt- iets dat we zo dolgraag willen. Welnu.
Inmiddels is het kwart over vijf en de zon is weg. Het blijft een kwestie van proberen denk ik. Proberen te benoemen, proberen wat gedachten te ordenen, proberen er iets van te maken. Ik vind proberen prachtig. En pracht.. ja, pracht is misschien ook wel een beetje troostend. En verder geen oneliner of uitsmijter als laatste zin.
Loading posts...